WONEN IN ITALIË – Pallapugno

Ik zit op mijn terras over de tuin heen te kijken. En nog verder het dal in tot aan de heuvels. Zonder meer een geweldig uitzicht.

De guldenroeden bloeien en deinen met hun gele bloemen in de border. De rose en paarse petunia's geven het terras kleur.

In de verte zie ik m'n moestuin vol courgettes, tomaten, wortelen, paprika etc. Wat een paradijs, zeker nu in de zomer.

En tòch, en tòch heb ik mijn twijfels. Ik word ouder en op zeker moment stelde ik mezelf toch de vraag: wil je hier dood gaan? Begraven worden?

Nee, dacht ik meteen. Mijn buren vroegen me onlangs of ik al een 'loculo' had gereserveerd op de begraafplasts hier.

Een 'loculo' is een langwerpige opening in een muur waar de kist met het lichaam wordt ingeschoven. Nee, zo wil ik dus niet begraven worden.

Ik praat er ook met buitenlandse vrienden over. Die zitten met hetzelfde dilemma.

Ondertussen is het nog niet zo ver en probeer ik me als een echte Piemontees te gedragen. Zo was ik maandagavond in San Benedetto Belbo en heb ik daar vijf uur naar een pallapugno-tournooi zitten kijken.

'Pallapugno' is een Piemontese sport, een mix tussen volleybal en tennis. Ik las op het internet dat er in de Romeinse tijd al een dergelijk spel bestond. (Het zal eens niet, altijd die Romeinen...)

Mijn overburen spelen al generaties lang pallapugno. De vader van Guglio, Guglio, zoon Valter en nu zoon Mattia.

Maar ook dochter Guglia is een hartstochtelijk pallapugno-speelster. Ze is het enige meisje van haar team en maandag ging ik haar aanmoedigen.

Bij pallapugno heb je twee velden tegenover elkaar zonder net. De twee teams die tegen elkaar spelen bestaan ieder uit vier spelers.

Net als bij volleybal draait alles om het serveren. Guglia moest meteen serveren en joeg de bal naar de helft van de tegenstander. Die moet de bal opvangen en terugslaan en alles met de hand.

Als ik het goed begrepen heb, moeten de teams proberen de bal over de achterste lijn van de tegenstander te jagen.

Ik was met oma Grazia en moeder Manuela. Op de tribune zaten voornamelijk ouders. Het was een lange zit maar Guglia was echt goed. Ze wonnen dankzij haar.

Om half elf was het eindelijk afgelopen. Ik deed een moord voor een biertje en iets te eten. We kregen een 'rinfresco' aangeboden. Veel focaccia, taart en chips.

Ik was onder de vrouwen de enige die een biertje dronk. Maar dat kon mij niks schelen. Guglia was blij en trots. Weer iets meer Piemontees, keerde ik naar huis.

  • De beslissing
  • Jarenlang was het een droom. Een huis in Italië. Op vakantie stond ik steevast lang voor de etalage van de makelaar ter plaatse. Maar het moment was (nog) niet geschikt. Ik werkte nog, mijn geliefde was ziek, m’n ouders hadden steeds meer zorg nodig. Ik bleef dromen en fantaseren, allemaal heel veilig. Jaar na jaar ging voorbij. Er gebeurde veel. Cor ging dood, ik maakte een voettocht naar Rome, werd ontslagen en toen was daar opeens het moment van: nu of nooit.