WONEN IN ITALIË – Gezondheidsperikelen

Strompelend kom ik de spreekkamer van de dokter binnen. Ik moet inwendig lachen als ik hem ernstig naar me zie kijken. "Nee, dit is niet waar ik voor kom hoor" zeg ik tegen Ugo, we noemen hem allemaal bij zijn voornaam, "ik kom voor heel wat anders."

Maar toevallig heb ik die ochtend, tijdens het lopen, een enorme smak gemaakt. Ik struikelde ergens over en boem daar lag ik op het asfalt. Met een bloedende knie en een pols die een opdonder heeft gehad, maar allemaal kleine verwondingen die met een paar dagen zullen overgaan.

Nee, ik kwam voor een klein bobbeltje waar ik de dokter naar wilde laten kijken en ik wilde een 'total check' aanvragen, voor het eerst in mijn leven. Italianen doen niet anders. Die laten zich, ook al op jongere leeftijd, om de haverklap nakijken.

Ik moet er eigenlijk niets van hebben. Ik denk altijd: je zult zien, ze vinden altijd wel iets. En als je eenmaal in de medische molen zit, kom je er haast niet meer uit.

Maar goed, zo langzamerhand, met het ouder worden, vind ik dat ik er ook maar eens aan moet geloven. Gewoon een controle op alle gewone dingen, zoals bloeddruk, cholesterol, diabetes etc.

De dokter keek naar m'n bobbeltje en zei meteen dat 't niks was. Hij zei wat het was, en dat het helemaal geen kwaad kon. Ik slaakte een zucht van verlichting want ik denk altijd meteen aan het ergste.

Opgewekt begon de dokter op z'n computer verwijsbrieven voor mij te tikken. "Zullen we er ook een electocardiogram bij doen?" vroeg hij. "Doe maar" zei ik. Nu ik toch bezig ben.

Hij besloot meteen m'n bloeddruk op te nemen. Die was goed. We kletsten nog even over mama en over zijn mogelijke pensionering. Hij wordt dit jaar 70, maar wil misschien nog even doorgaan. "Ik moet nog steeds een beslissing nemen" zei hij zuchtend.

De volgende ochtend nuchter naar het ziekenhuis van Ceva. 's Ochtends even in een speciaal potje geplast want ik moest ook urine meenemen.

Eerst naar de bloedafname. Er stond een rij voor het apparaat waar je een nummertje moest trekken. Toen kwam ik in een zaal waar een stuk of veertig mensen op hun beurt zaten te wachten. Ik moest op 2 grote borden kijken wanneer ik me bij welk loket moest melden.

Het wachten viel erg mee. Hoewel het allemaal wat rommelig oogde, liep de organisatie prima. De een na de ander kon doorlopen naar het laboratorium waar twee verpleegsters, ieder aan een tafeltje, bloed afnamen.

Bij mij werden maar liefst zes buisjes afgetapt. Na 4 buisjes vroeg de verpleegster hoe het met me ging. Goed hoor, zei ik. Misschien was ze bang dat ik flauw ging vallen. Ik vertelde dat mijn vader, die donor was, na een bloedafname altijd een flink glas wijn dronk. "Dat ga ik vanavond ook doen", zei ik. Ze lachte.

Toen moest ik naar een ander loket in de hal, het loket waar je afspraken maakt met de specialisten of, zoals in mijn geval, voor een electrocardiogram. De computer was kapot, probleem. Gelukkig kwamen ze op het idee dat ze ook zelf met de betreffende afdeling konden bellen en een afspraak konden maken.

Ik kon dezelfde middag nog terecht. Maar de verpleegster die het electrocardiogram bij mij zou afnemen, leek zwaar overspannen. Ze kon er niet meer tegen, wat een bende hier, riep ze tegen niemand in het bijzonder. Terwijl ik op het behandelbed lag, belde ook haar moeder nog. "Nee mama nu niet, ik ben aan het werk" en einde gesprek.

Terwijl ze wat plakkertjes op mijn lijf plakte, ging ze door met klagen, maar nu tegen een collega. Ze kon niet meer, ze was op, zei ze. De collega grinnikte en gaf mij een knipoog. De zuster in nood vroeg mij even m'n adem in te houden en toen diep te zuchten. Het was al gebeurd.

Ik kan vrijdag de uitslag bij eerdergenoemd loket ophalen. De uitslagen van het bloedonderzoek worden naar de apotheek hier gestuurd en dinsdagmiddag ga ik dan met alle papieren terug naar de huisarts om me de resultaten te laten uitleggen.

Overigens moest ik voor het bloed- en urine-onderzoek 45 euro betalen en voor de electrocardiogram 11 euro. Het bezoek aan de huisarts kost niks want dat zit in de basis-verzekering.

Nu maar hopen dat ze niets vinden.....en de gestreste verpleegster goed naar mijn harteklop heeft geluisterd.

  • De beslissing
  • Jarenlang was het een droom. Een huis in Italië. Op vakantie stond ik steevast lang voor de etalage van de makelaar ter plaatse. Maar het moment was (nog) niet geschikt. Ik werkte nog, mijn geliefde was ziek, m’n ouders hadden steeds meer zorg nodig. Ik bleef dromen en fantaseren, allemaal heel veilig. Jaar na jaar ging voorbij. Er gebeurde veel. Cor ging dood, ik maakte een voettocht naar Rome, werd ontslagen en toen was daar opeens het moment van: nu of nooit.